Doorgaan in de geest van Ramses

Het Ramses Shaffy Huis, een woon-zorgcentrum in Amsterdam voor jonge en oude kunstenaars, is zo populair dat er nog een komt. Waarom is het zo fijn wonen achter de ‘Zing-vecht-huil-bid-lach-werk-en-bewonder’-gevel?

Volkskrant, 1 september 2017, door Iris Koppe

Van samen koken met de andere bewoners op zijn etage houdt hij niet zo. Maar verder voelt kunstenaar Joep Königs (59) zich erg thuis in het Ramses Shaffy Huis, een woon-zorgcentrum voor jonge en oude kunstenaars aan de Oostelijke Handelskade in Amsterdam. In zijn appartement, met uitzicht op de IJhaven, slaapt hij ’s nachts en werkt hij overdag aan verschillende schilderijen. ‘Dan hoef ik geen pauzes te nemen: als het ene doek droogt, kan ik met het andere doek verder.’
Königs heeft een verleden van epileptische aanvallen. En naar eigen zeggen ‘magisch-erotische periodes waarin hij als een bezetene schildert’. Königs had moeite een geschikte woonplek te vinden, maar toen het Ramses Shaffy Huis in juni openging, viel alles op zijn plek. En nu – nog geen drie maanden na de opening – hoort Königs dat er nóg zo’n kunstenaarshuis komt, op een steenworp afstand, op de Oostelijke Eilanden. Werktitel: ‘Het Leven Lief-huis,’ naar een lied van Liesbeth List.
Een grote verrassing, ook voor de initiatiefnemers van het Ramses Shaffy Huis Ed Cools (64) en Siep de Haan (58). ‘Dit hadden we niet verwacht toen we jaren geleden ons plan voorlegden aan Stadgenoot en Zorggroep Amsterdam Oost’, zegt Cools. ‘Toch was de run op de woningen vanaf het begin enorm.’
In Laren bestaat al langer een woon- en werkcentrum voor oudere kunstenaars: het Rosa Spierhuis. ‘Maar veel kunstenaars uit Amsterdam wilden daar niet naartoe’, zegt Cools. ‘Ze blijven liever in hun eigen stad. Na de opening van het huis stonden er direct weer honderd kunstenaars op de wachtlijst. Het is goed dat Stadgenoot deze week groen licht heeft gegeven voor de bouw van een tweede kunstenaarshuis.’
Het Ramses Shaffy Huis van woningcorporatie Stadgenoot bevat vierentwintig woningen voor ouderen en twaalf studio’s voor jonge afgestudeerde kunstenaars, veelal afkomstig van de Amsterdamse Hogeschool voor de Kunsten. Er is een gezamenlijke ruimte met ateliers en expositieruimtes. Wie zorg nodig heeft, kan terecht op het wekelijkse spreekuur. Er wordt nauw samengewerkt met Zorggroep Amsterdam Oost. ‘Dat is ook erg handig voor de zeven kunstenaars in het huis die zich per rolstoel verplaatsen’, zegt Cools.

Na de opening van het huis stonden er direct weer honderd kunstenaars op de wachtlijst

In de kunstenaarssociëteit op de begane grond worden lezingen, optredens en workshops georganiseerd. Initiatiefnemer Siep de Haan: ‘Er zijn regelmatig balletvoorstellingen en klassieke concerten. Er wordt wijn gedronken en bewoners spelen graag op Shaffy’s oude piano.’ Op de gevel aan de buitenkant staat ‘Zing, vecht, huil, bid, lach, werk en bewonder’ en op het raam prijkt een foto van Ramses.

Niet iedereen die een beetje leuk met kwasten uit de voeten kan komt in aanmerking voor een woning. ‘Je moet je als kunstenaar hebben bewezen’, zegt De Haan, ‘dus met een diploma op zak van een kunstopleiding, exposities hebben gehad of aantoonbaar kunstminnend zijn.’
Wie zich aanmeldt en wordt uitgekozen, krijgt onbeperkt een sociale huurwo- ning in het pand tot zijn beschikking. Althans, de oudere kunstenaars. De jonkies, die net van de kunstacademie komen, tekenen een contract voor vijf jaar. Bijdragen van fondsen houden het wonen, met alle culturele extra’s betaalbaar.
Het tweede woon- en zorgcentrum zal eveneens in het teken van Ramses Shaffy staan. Er zal extra ruimte worden gemaakt voor kunstenaars met (beginnende) dementie, waardoor in dit huis iets minder jongeren zullen komen te wonen. ‘Maar de uitwisseling tussen jonge en oude kunstenaars blijft ook hier erg belangrijk’, zegt De Haan. ‘Zodat men elkaar scherp kan houden.’
Dat blijkt ook in het eerste huis, in een van de ateliers op de begane grond. De kunstenaressen Rosa Sijben (28) uit Alkmaar en Natalia Dik (56), geboren in Siberië, werken samen in een ruimte. Allebei aan hun eigen kunstwerk. ‘Alleen zijn was voor mij een groot probleem’, zegt Dik, ‘maar nu heb ik altijd anderen om me heen. Dat inspireert.’
De ontwerpen van ‘Het Leven Lief-huis’ moeten nog gemaakt worden. Dan kan
het nog een jaar duren voordat het wordt opgeleverd, maar de intentieovereenkomsten zijn getekend. ‘Wij vinden het erg belangrijk om mensen met een bepaalde levensvisie bij elkaar te brengen’, zegt Pim de Ruiter van Stadgenoot. ‘Bejaardentehuizen verdwijnen langzaam, de toekomst ligt bij woon- en zorgcentra voor specifieke doelgroepen.’
Dat kan een tehuis zijn als Beth Shalom, een zorgcentrum met de Joodse identiteit in het Amsterdamse Buitenveldert. In de leefruimten, zoals in de keuken, worden de Joodse regels in acht genomen. Er is een sjoel aanwezig en bewoners worden op Joodse feestdagen extra gefêteerd.
‘Er zijn ook speciale zorghuizen voor Antilliaanse en Marokkaanse Nederlanders’, zegt de Ruiter. ‘En denk aan de Surinaamse woongroep Wi Kontren in Amsterdam Zuid-Oost. Daar hebben ze een overdekte tuin gemaakt, met tropische planten. Het personeel draait vaak Surinaamse muziek.’
Dat oudere kunstenaars nu onder een dak worden verenigd is volgens de Ruiter eigenlijk logisch. ‘Want dat zijn ook zielsverwanten.’ Dat de ene kunstenaar de andere niet is, deert de Ruiter niet uit. ‘Het gaat om hun achtergrond. We hebben ook woongroepen met oud-krakers. Dat zijn mensen uit voormalige kraakpaden, die in de loop van de jaren tachtig zijn gelegaliseerd. Die leven goed samen. Ook dat zijn gelijkgestemden.’